Overdenking van de predikant

De kerkdienst van zondag 19 april gaat niet door vanwege de uitbraak van het coronavirus. Hieronder leest u een kleine overweging van ds Derk Jan Deunk. 

Bij zondag 19 april - Beloken Pasen

Op de achtste dag na Pasen is er de afsluiting van de paasweek. Het wordt wel ‘Beloken Pasen’ genoemd: de luiken worden gesloten. De Exoduslezing van deze zondag laat zien dat er na de bevrijding uit de onderdrukking bepaald niet alleen maar feestvreugde is. Na de uittocht komt het volk in een woestijn: Exodus 15:22-16:27. Dat is het onherbergzame niemandsland, het isolement. In die leegte moet je op zoek naar nieuwe doelen en wegen. Sommigen willen wel terug naar de onvrijheid van vroeger: toen was er tenminste duidelijkheid. Er was welvaart, er waren de vleespotten in Egypte. Maar heimwee naar een voorbij verleden brengt je niet echt verder. En een vlucht vooruit is ook geen oplossing. Er is de bittere realiteit van vandaag: Mara, bitter water. Waar vind je een goede bron? In de woestijn is er brood voor maar één dag. Egoïstisch hamsteren is geen optie. Na één dag is het brood echt niet meer te eten. Uitleggers geven allerlei natuurlijke verklaringen van de vermelde fenomenen. Zoals: het gebruik door bedoeïenen van bepaald hout om de bitterheid van water weg te nemen. ‘Manna’ -letterlijk: wat is dat?- kan komen van een bepaalde boom, een tamarisk. Bladluizen zetten er korreltjes op af. Die worden ’s nachts door de kou hard. Schilferachtig spul, fijn als korianderzaad, het smaakt honigzoet. En de kwartels zijn een soort patrijzen, gemakkelijk te vangen. Maar het verhaal geeft dergelijke verklaringen niet. Het gaat namelijk om iets anders: vertrouwen. Dat is de kern. Het volk zal onderweg leren vertrouwen op de zorg en begeleiding van de Eeuwige. Daarin is meer echte zekerheid dan in hamsteren. Ook in de leegte van een kale viruswoestijn kun je leren vertrouwen. Proberen te leven van bron tot bron, van dag tot dag, met ‘geef ons vandaag ons dagelijks brood’. Iedere dag heeft genoeg aan zijn eigen zorgen. Opvallend: in dit gedeelte wordt het volk ook ‘qahal’, gemeente, genoemd. Je kunt in de beperkingen van de woestijn ook leren een gemeenschap, een echte samen-leving te worden. In de coronacrisis kan gemeenschapszin opbloeien.

ds. Derk Jan Deunk